| |
Maatstaven voor het rendement
De belangrijkste en algemeen aanvaarde maatstaf waarmee
de maatschappelijke rentabiliteit van een projectinvestering
wordt gemeten, is de netto contante
waarde (NCW). Een belangrijk voordeel van deze maatstaf
is dat men een afweging kan maken tussen deze waarde en
de (niet-gemonetariseerde) waarde van de PM posten (pro
memorie). Naast de NCW kunnen ook andere criteria waardevolle
informatie verschaffen over de rentabiliteit van projecten:
- Interne rentevoet (Internal Rate of Return, IRR)
De interne rentevoet geeft aan bij welke hoogte van de
discontovoet de NCW voor project j gelijk wordt aan 0,
d.w.z. de perunage Rj (dit is rentevoet gedeeld door 100)
waarvoor geldt dat:

Bjt = bate van project j op tijdstip t
Kjt = kosten (analoog baten)
Wanneer onzekerheid bestaat over de juiste discontovoet
of de waardering van risico, kan de interne rentevoet
een nuttige indicatie geven voor het te verwachten rendement.
De IRR geeft immers de hoogste waarde van de discontovoet
aan waarbij het project nog juist rendabel is.
- terugverdientiid (pay-back ratio)
In het bedrijfsleven gebruikt men om de eenvoud vaak de
terugverdientijd (pay-back ratio), die de periode T weergeeft
waarbinnen een investering terugverdiend kan worden. De
lengte van de periode wordt bepaald door het tijdstip
T waarop de - niet verdisconteerde - som van de baten
de kosten overtreft. Deze maatstaf geeft een voorkeur
aan projecten waarmee het geïnvesteerde kapitaal
zo snel mogelijk wordt terugverdiend en dat kan vooral
voor riskante investeringen interessant zijn.
- first year rate of return (FYRR)
Als men niet alleen geïnteresseerd is in de vraag
of een project aanvaardbaar is, maar ook in de vraag wanneer
het project een bate gaat opleveren, kan men, ter aanvulling
van de voorgeschreven NCW-maatstaf, de toepassing overwegen
van de first year rate of return (FYRR). Dit criterium
geeft aan of uitstel met een jaar voordelig is. De FYRR
is alleen van belang voor de 'timing' van een project
en mag slechts worden toegepast als tegelijk voldaan is
aan de voorwaarde dat de netto contante waarde positief
is.
|